orgelspel
welkom en mededelingen
aanvangslied Lied 903:1,2 ‘Zou ik niet van harte zingen’
stil gebed
votum en groet
openingstekst ‘Wij zijn allen gedoopt in één Geest’ (1 Korintiërs 12:13a)
zingen (met combo) 'Doop' van Sela
de dopelingen worden binnengebracht
lezing doopformulier en gebed
beantwoorden van de doopvragen
zingen kinderlied (met combo) Hemelhoog 125:1,3 'Als je veel van iemand houdt' Daarna kinderen naar voren.
kindermoment
Kijk wat hier ik heb meegenomen in dit doosje. Wat is het?
Sneeuw! Een beetje sneeuw. Maar wat was er afgelopen week veel gevallen hè. Hebben jullie er ook zo van genoten? Wat heb je gedaan met die sneeuw?
Weet je in de Bijbel komt ook sneeuw voor. Bijvoorbeeld in een Psalm, waar staat: ‘Maak mij weer schoon, zo schoon als witte sneeuw.’
Ken je iets dat witter is dan sneeuw, sneeuw die net gevallen is? Waar de zon op schijnt? Nou ik niet. Dan moet ik gewoon m’n ogen samenknijpen. Zo wit is die sneeuw. Oogverblindend wit.
Nou, zo schoon wil God ons maken. Als we vuil zijn zeg maar door de verkeerde dingen die we doen, die we zeggen, die we denken. Nee, dat is niet altijd mooi. Dat kan heel lelijk zijn. Heel erg. Dan mag je God vragen om je te vergeven, om je weer helemaal schoon te maken. Zo schoon als witte sneeuw.
En dat God dat wil, zien we heel mooi bij de doop. Dat gebeurt niet met sneeuw, maar met water. Water maakt ook schoon. Dus in de doop zegt de Here God: Ik maak je helemaal schoon. Zo schoon als witte sneeuw. Mooi hè!
Nog één dingetje. Deze sneeuw heb ik gehaald van de sneeuwpop die in onze tuin stond. Die was bijna twee meter hoog. Intussen is hij nog geen meter hoog meer. Sneeuw smelt. Ook deze sneeuw. Zeker in zo’n warme kerk. Maar weet je Gods liefde smelt niet. Zijn verbond, zijn band met ons, gaat niet voorbij. Die is ijzersterk. Dat zegt de doop ook. De doop van Lotte, Elias en Noortje. Maar ook jouw doop. Vergeet dat nooit!
bediening van de Heilige Doop aan Lotte (Psalm 16:8), Elias (Psalm 63:12a) en Noortje (Psalm 27:1)
zingen (staande) Psalm 134:3 ‘Uit Sion, aan de Heer gewijd’
vraag aan gemeente
de doopkaarten worden overhandigd en de doopkaarsen aangestoken door de ouderling van dienst, Marco de Groot
felicitatie
de dopelingen wordt weggebracht en kinderen (groep 1-6) gaan naar de kindernevendienst
dankgebed en gebed om de verlichting met de Heilige Geest
schriftlezingen Lucas 3:15-22 en Handelingen 1:1-5
zingen Psalm 51:5 ‘Schep in mij, God, een hart dat leeft in ’t licht’
tekstlezing ‘… Hij zal jullie dopen met de Heilige Geest en met vuur.’ (Lucas 3:16c)
verkondiging thema: gedoopt met de Geest en met vuur
Gemeente van Jezus Christus,

(bij doopvont) Eén van de allermooiste voorwerpen hier in onze kerk vind ik het doopvont. Die prachtige schaal. Zo ruim. Veelzeggend, we geloven immers in een ruime, vrijgevige en overvloedige God, en dat vertelt de doop ons! Maar het allermooist van het doopvont vind ik toch die duif erboven. Symbool van de Heilige Geest.
Heel subtiel lijkt die duif wel te zweven boven het doopvont. Zoals de Geest ooit in den beginne zweefde boven de wateren, toen de aarde nog woest en ledig was. Maar dit is de oervloed niet. Dit is het doopvont. Dat ons vertelt van de herschepping, van opnieuw geboren worden, door water en Geest.
Die duif is natuurlijk vooral geïnspireerd op wat er gebeurde bij de doop van Jezus, toen de Heilige Geest in de gedaante van een duif op Jezus neerdaalde. Niet voor niets juist als zó’n vogel. De duif staat immers voor trouw, zachtmoedigheid en vrede. Allemaal eigenschappen van de Heilige Geest. In Wiens naam we ook gedoopt worden. In Wiens naam ook zojuist Lotte, Elias en Noortje gedoopt zijn. Bij dit doopvont. Met die veelbetekenende duif.
Ja, de doop heeft alles met de Heilige Geest te maken. En met Jezus. Of zoals Johannes de Doper het zegt in onze tekst van vanmorgen: ‘Hij (dat is Jezus) zal jullie dopen met de Heilige Geest en met vuur.’
(op kansel) Wat is dat: gedoopt worden met de Heilige Geest?
Dopen is onderdompelen. Dus gedoopt worden met de Heilige Geest is in Hem ondergedompeld worden, doordrenkt worden met de Heilige Geest.
In Handelingen 1 verwijst Jezus zelf, vlak voor zijn hemelvaart, naar Pinksteren, als de discipelen met de Heilige Geest gedoopt zullen worden. Daar staat het dus voor de uitstorting van de Geest. En als dat dan 10 dagen later gebeurt, zien we wat die doop met de Heilige Geest inhoudt: ze worden allemaal vervuld met de Heilige Geest, vol van Hem dus. Vol van zijn trouw, vrede en zachtmoedigheid.
Zou u dat ook niet willen? En jij?
Het bijbelgedeelte van vanmorgen vertelt ons dat dit alles te maken heeft met de doop. Ja, ook bij Jezus zelf. Dat vind ik zo bijzonder: dat Jezus zelf ook gedoopt wordt met de Heilige Geest. Als Hij zelf ook het doopwater van de Jordaan ingaat, omdat Hij solidair is met heel het volk, met de mensen, in hun schuld wil delen, terwijl Hij zelf zonder enige zonde is, als voorafbeelding van zijn ondergaan in de dood, ons voorafschaduwing van zijn sterven en opstanding, - vóór ons! - dan daalt de Heilige Geest op Hem neer. Dan klinkt de stem van God de Vader uit de hemel: ‘Jij bent mijn geliefde Zoon, in Jou vind ik vreugde.’ Hiermee wordt Jezus officieel aangewezen en bevestigd als Messias. Messias betekent ‘Gezalfde’. Zoals koningen in Israël gezalfd werden voor hun ambt, zo wordt Jezus hier gezalfd met de Heilige Geest.
Ook Jezus kon niet zonder de Heilige Geest. Ook heel letterlijk. Want zonder de Geest was Jezus er niet geweest. Als Zoon van God op aarde, als mens. Want door de Heilige Geest werd Jezus ontvangen in de schoot van Maria. Door de Heilige Geest raakte zij zwanger.
En met dezelfde Heilige Geest wordt Jezus in ons bijbelgedeelte, aan het begin van zijn messiaanse weg, gedoopt, gezalfd. En diezelfde Geest zendt Jezus direct daarna de woestijn in. Waar Hij gelijk op de proef wordt gesteld, wordt getest, wordt verzocht door de tegenstander, de duivel. Reken maar dat Jezus daarbij de kracht van de Heilige Geest heel hard nodig om stand te kunnen houden, en de wijsheid van de Geest om de listen van de duivel te doorzien en te weerstaan. Jezus had de vervulling van de Geest iedere dag nodig, om zijn messiaanse weg te gaan en te volbrengen.
Als Jezus die Heilige Geest nodig had, hoeveel te meer dan ook wij, kleine, zwakke mensen! Goddank wil de Heer ons met diezelfde Geest dopen, ons in Hem onderdompelen, ons met Hem vervullen.
Hoe ik dat weet? Door de doop. Daar was het – ook vanmorgen! – duidelijk te zien en te horen: ‘Ik doop je in de naam van de Vader, en van de Zoon, én van de Heilige Geest.’ Daar heeft God zelf het laten horen en laten zien dat Hij met die Geest wil vervullen, dat Hij ons met die Geest wil dopen. De belofte is ons daar gegeven, zwart op wit, als een onuitwisbaar watermerk.
De doop, die bij Jezus dus ook een zalving was. In de Rooms-katholieke kerk wordt dit bij de doop extra gesymboliseerd als de dopeling, na het water op het hoofd, met olie wordt gezalfd. Die olie verwijst - en dat is heel bijbels! - naar de Heilige Geest. Zoals ik las in een preek uit een katholiek klooster: ‘Het water blijft aan de buitenkant en veegt ons oude leven weg. De zalf dringt door tot in onze poriën en vormt ons tot nieuwe mensen.’ Natuurlijk doen dat water en die zalf dat zelf niet. Dopen is geen toveren. Nee, in symbooltaal wordt hier de rijke betekenis van de doop uitgebeeld. De doop is immers een teken. Ze is vol van be-teken-is. Het water duidt op afwassing, op vergeving. En die hebben we nodig. Heel hard nodig.
We hadden het daar over tijdens het doopgesprek. Dat ook onze kleine kinderen die neiging hebben tot het kwade, tot de zonde. Je ziet en hoort daar nu nog niks van, maar zoals één van jullie zei: ‘’t Is een kwestie van geduld, en dan ga je het merken, dat ook dit kind geen uitzondering op die regel is.’ Net zoals jijzelf die uitzondering niet bent. En u ook niet. En ik evengoed niet. Dat die neiging in ons zit, en dat die helaas ook maar al te vaak geëffectueerd wordt. Dat het weer helemaal mis gaat. Dat we over de schreef gaan. Dat we het goede juist nalaten.. En dat we daarom die afwassing van de zonden, die vergeving, dat uitvegen van dat oude leven zo nodig hebben. Telkens weer. En dat de Here God ons wil vergeven, zegt die doop ons. Zo schoon als witte sneeuw...
De doop duidt niet alleen op vergeving, maar ook op vernieuwing. De doop is niet alleen ondergaan, maar ook bovenkomen. Als nieuwe mensen. Daartoe wil de Heilige Geest ons vormen, ons herscheppen. Dit gaat niet zonder slag of stoot, maar juist met vallen en opstaan. Of zoals iemand eens zei: ‘Omdat wij lek zijn, hebben we die vervulling met de Heilige Geest nodig. Telkens weer.’ Zodat we van binnenuit, door de Geest die ons vervult, die doordringt tot in de poriën van ons bestaan zeg maar, vanuit die bezieling, gaan doen wat God vraagt: het goede doen, zoals Bonhoeffer dat in een doopbrief heel kernachtig noemde.
Terug naar onze tekst: ‘Hij (= Jezus) zal jullie met de Heilige Geest dopen en met vuur.’ Wat zou Johannes de Doper met dat laatste bedoelen? In het vervolgvers wordt dat verder uitgewerkt, met een beeld dat voor de eerste hoorders toen heel herkenbaar was, maar voor de meesten van ons minder, denk ik. Johannes vergelijkt daarin Jezus namelijk met een boer, die de wan in zijn hand houdt. Een wan is een platte schaalvormige mand waarin het gedorste graan wordt gelegd. De boer gooit dat in de lucht. De wind neemt het kaf dan mee en de graankorrels vallen terug in de mand. Zo wordt het kaf van het koren gescheiden. Het graan wordt opgeslagen in de schuur en het kaf wordt verbrand. De bedoeling lijkt duidelijk: dopen met vuur duidt op Jezus als Rechter, Die zal oordelen. En wie zich tegen Hem verzet, wie bewust van zijn koninkrijk niet wil weten, zal Hij wegdoen.
Ten diepste is dat heel troostrijk, gemeente. Het kwaad zal niet zegevieren. De beulen houden geen eeuwige voorsprong op hun slachtoffers. Uiteindelijk zal Christus rechtspreken en rechtdoen. Het kwaad zal vergaan. De duisternis is voorbij. De diepe troost van het oordeel.
Maar het is ook huiveringwekkend, want wie van ons zal bestaan in dat oordeel? Wie gaat vrijuit? Wie is brandschoon? Niemand. Die diepe ernst zit er ook in Johannes’ woorden.
Dat dopen met vuur als verwijzing naar de komende Rechter, die zal oordelen, de levenden en de doden, is een heldere uitleg. Met goede papieren. Zeker ook als je de profeten uit het Oude Testament leest, die hier ook regelmatig over spreken. In hun lijn staat Johannes de Doper zeker. Denk maar aan zijn eerdere woorden over de bijl die aan de wortel van de boom ligt, en iedere boom die geen goede vruchten voortbrengt, wordt omgehakt en in het vuur geworpen. Weer dat vuur. Weer dat gericht.
Tegelijk is er ook een andere uitleg van dat dopen met vuur. Waarbij dat vuur positiever wordt geduid. Wat ook helemaal past bij de Heilige Geest. Als Hij met Pinksteren wordt uitgestort – of zoals Jezus dat noemt: als ze gedoopt worden met de Geest – dan is daar niet voor niets dat teken van vuur, in de vorm van die vlammen op de hoofden van de discipelen. Gedoopt met vuur, toch?
Vuur staat daar voor reiniging en loutering. Denk maar aan ruwe zilver- of gouderts. Dat wordt puur zilver of goud door het te verhitten. Dan verbrandt al het onzuivere.
Ja, lieve mensen, dat wil de Heilige Geest in ons leven doen: ons zuiveren, ons louteren, ons heiligen. Dat we dat onzuivere in ons leven onder ogen komen, dat eerlijk belijden en we ervan gereinigd worden, zodat we de weg van Christus zullen gaan. Om daarop te belanden en die weg volhardend te gaan moeten we ook telkens met vuur gedoopt worden. Zodat de nieuwe mens komt en de oude gaat.
Dus gedoopt worden met de Geest, dat is in Hem ondergedompeld worden, is overspoeld worden met zijn vreugde, is een diepe verwondering over Gods liefde, ook voor jou, is zijn vrede ervaren, is in vuur en vlam staan voor Jezus, maar is tegelijk ook ontdekt worden aan dat in je leven wat niet goed is, wat nog bij die oude mens hoort: je egoïsme, je drift, je verslavingsgevoeligheid, je traagheid, je bitterheid, je hardheid, je lauwheid, enz. enz. Daarvan moet je gelouterd worden. Met het vuur van de Geest.
Zou je niet met die Heilige Geest en met zijn vuur gedoopt willen worden, door Hem vervuld? Reken maar dat Hij dat zelf wil. Daar is je doop een ontwijfelbaar teken en zegel van. Moderner gezegd: een watermerk. Ja, zo echt is het, zo zeker wil God dat, als dat jij gedoopt bent.
Eén van jullie zei het heel mooi tijdens het doopgesprek: ‘Voor mijzelf is de doop altijd heel belangrijk geweest: dat God zelf de eerste in mijn leven was. Dat Hij echt is begonnen. En dat Hij is gebleven. Dat ik echt op Hem kon rekenen.’ Nou, dan hier ook bij! Voor jezelf en voor je kind.
Tijdens datzelfde doopgesprek lazen we de beroemde doopbrief van Bonhoeffer aan zijn neefje, z’n petekind. Daarin had Bonhoeffer het over drie dingen die nodig zijn voor de kerk, voor ons christenen, juist ook in een tijd, waarin het allesbehalve vanzelfsprekend is om te geloven. Deze drie kernnoties noemde hij: bidden, het goede doen en wachten op God. Hoe dit ook onmisbare wegwijzers zijn voor de geloofsopvoeding. Bidden, het goede doen en wachten op God, oftewel Hem verwachten.
Over die eerste notie, het bidden, gesproken. Als Jezus gedoopt wordt met de Heilige Geest, met Hem gezalfd wordt, de Geest op Hem neerdaalt in de gedaante van een duif, dan staat er net voor dat Jezus aan het bidden was. Lucas is de enige evangelist die dat vermeldt. Na zijn doop is Jezus in gebed. Ook voor Hem is dat essentieel. En dan wordt de hemel geopend en daalt de Heilige Geest op Hem neer. Als een verhoring op Jezus’ gebed…
Ik vind dat zo bemoedigend ook voor ons. Bidden om de Geest heeft zin. Ook het gebed om de vervulling met en om de doorwerking van de Heilige Geest. Zullen we dat nu ook doen?
Stem van God
die oren opent
om zijn roepen te verstaan,
Geest van God
die harten opent
dat de liefde in kan gaan,
Vuur van God
die onze lauwheid
doet ontvonken en doorgloeit,
Kom, vervul ons,
steeds intenser
tot ons antwoord openbloeit.
Amen
zingen Lied 686 ‘De Geest des Heren heeft een nieuw begin gemaakt’
dankgebed en voorbeden
collectemoment toegelicht door diaken van dienst.
zingen Lied 675 ‘Geest van hierboven’
zegen