- We komen in stilte binnen. Het licht van Christus is zichtbaar aanwezig in de brandende Paaskaars.
- Er klinkt ‘Musica pro Deo’ (muziek als offer aan God), gevolgd door een Openingsvers.
- Het hart van de Vespers is het gezongen Psalmgebed. We reciteren de onberijmde tekst op één of meerdere ‘Psalmtonen’/’Abdijtonen’, afgewisseld met een ‘Antifoon’. Veelal klinkt de Psalm van de zondag voorafgaand aan de Vespers.
- De Schriftlezing is genomen uit het Rooster bij het dagelijks gebed uit het genoemde Dienstboek.
- Na geruime stilte klinkt opnieuw ‘Musica pro Deo’ en vervolgens het Magnificat, de Lofzang van Maria.
- We bidden een avondgebed, doen voorbede en besluiten met het Onze Vader.
Na het zingen van een avondlied wordt de gebedsdienst besloten met een zegenbede, waarna in stilte de kerk wordt verlaten.